Parochie H. Bonifatius


H. Bonifatiuskerk


Geschiedenis
De oudste vermelding van een Rijswijkse parochie is teruggevonden in een akte uit 1267 en de eerste Pastoor waarvan we de naam kennen is Theodoricus (Heer Diderick). In 1299 werd hij vermeld als “Persona et rector ecclesiae”.Een Rijswijkse parochie met de naam “Bonifatius” komt het eerst voor in een akte van 1497. In de Oude kerk werd in dat jaar een Bonifatiusaltaar ingewijd.
De Watergeuzen namen bij toeval op 1 april 1572 De Briel in. December 1572 hebben de Katholieken van Rijswijk hun kerk moeten ontruimen. In februari 1573 werd de Katholieke eredienst door de Staten uit de openbaarheid verdreven. Bekend is dat de Katholieken uit Rijswijk terecht konden bij ambachtsheer Cornelis Suys. Hij liet in zijn woning “Buitenplaats Den Burgh de mis lezen. In de 17e en 18e eeuw konden de Katholieken terecht in de huiskapel van in “Huis te Werve”, waar op de zolderverdieping een huiskapel was.

Het duurde tot 1685 totdat Maria van der Wiele, vrouwe van Te Werve voor 1.900 gulden een boerderij aan het Binnenpad kocht (nu Julialaantje) . In deze boerderij verrees een kerkzaal of “kerkschuur” met daar tegenaan een woning voor de pastoor. In 1783 vroegen 128 roomskatholieke gezinshoofden aan de Staten van Holland toestemming om een eigen kerk te bouwen.
Op 20 januari 1784 gaven de Staten toestemming om binnen het ambacht Rijswijk, vlak bij het dorp, op een “afgelegen en bekwame plaats”een kerk te bouwen en een priester aan te stellen. Als tegenprestatie moest de parochie wel voortaan de niet gereformeerden armen gaan onderhouden. Nog in hetzelfde jaar werd de schuilkerk gebouwd aan de toenmalige Zandweg, bekend onder de naam Herdershoeve. Dit was rechts van de huidige Bonifatiuskerk. In 1855 was deze kerk veel te klein geworden. Ook werd er een nieuwe pastorie en het Liefde-Gesticht gebouwd.

Huidig kerkgebouw
Rond 1890 namen de plannen om een nieuwe kerk te bouwen vaste vormen aan. Mede omdat het aantal Rijswijkers groeide en het aantal kerkgangers toenam. Jhr. P.M.G. von Fisenne en zijn vrouw Elise van der Kun stelde 25.000 gulden ter beschikking. In ruil werden voor hen verschillende fundatiemissen gelezen en kregen zij een voor eeuwig verzekerde plaats op de lijst van weldoeners. Bovendien zou de familie een eigen “tribune” krijgen met een afzonderlijke toegangsdeur om de kerk te kunnen betreden. Architect N. Molenaar, leerling van de beroemde architect P.J.H. Cuypers, kreeg de opdracht een Kerk, toren en pastorie te ontwerpen en begin mei 1896 kreeg N. Perquin uit Hillegersberg als laagste inschrijver de opdracht om voor 121.900 gulden de kerk te bouwen. Op 27 september 1897 wijdde de Haarlemse Bisschop C.J.M. Bottemanne de nieuwe (huidige) Bonifatiuskerk in.
De kerk is op een min of meer noord-zuidas georiënteerd. Omschrijving Driebeukige basilicale kruiskerk opgetrokken in grauwe baksteen (kruisverband, knipvoeg) onder met leien gedekte zadeldaken waarop dakhuisjes. De kerk heeft tegen de noordelijke gevel een in grondplan vierkante, circa 75 meter hoge toren met spits. De toren wordt geflankeerd door twee vijfzijdige kapellen onder schilddaken met tegen de linkerzijde een ronde traptoren onder een kegeldak en tegen de rechterzijde een vierkante traptoren onder een lessenaardak. Het vijf traveeën lange schip eindigt in een transept met een vijfzijdige gesloten absis. De transeptarmen zijn in het grondplan nauwelijks geprononceerd, maar onderscheiden zich duidelijk als bouwvolume met hun in hoogte aansluitende nok op die van het kerkschip. De viering wordt bekroond door een opengewerkte toren met zinken opbouw en luidklokje onder een met koper afgedekte spits. De kerk heeft spitsboogvormige vensters en spaarvelden met natuurstenen en gemetselde traceringen en roosvensters met een natuurstenen omlijsting. Ook verder is het gebouw gedecoreerd met natuurstenen elementen zoals de afdekking van de afzaten en delen van de archivolten. Onder de dakrand is een dwergboogfries aangebracht. De toren heeft vier geledingen. Het onderste deel is de entreepartij met archivolten. Hierin is de rechtgesloten dubbele houten deur met beslag geplaatst onder een natuurstenen kalf waarboven een vierdelig spitsboogvormig bovenlicht geplaatst is. Boven de entreepartij een groot spitsboogvormig venster en een beeld van de Heilige Bonifatius. Daarboven drie gekoppelde spitsboogvensters en in het bovenste deel drie galmgaten. In de zijgevel van de toren zijn spitsboogvormige spaarvelden geplaatst en bovenin galmgaten. De vierde geleding wordt afgesloten met aan drie zijden een uurwerk. De met koper gedekte spits is iets ingesnoerd en heeft een windvaan. De kapellen aan weerszijden van de toren hebben spitsboogvormige vensters tussen steunberen en aan weerszijden aangekapte eenlaagse bouwdelen waarin de entree onder een spitsboogvormig bovenlicht geplaatst is. Het schip heeft zijbeuken waarin spitsboogvormige vensters tussen steunberen geplaatst zijn. Daarboven, ter plaatse van de middenbeuk zijn in de lichtbeuk ronde vensters tussen kleine luchtbogen geplaatst. Het transept heeft in de kopse gevels grote spitsboogvormige vensters met daarboven trapsgewijs oplopende spitsboogvormige vensters. In de lichtbeuk van de zijgevel zijn ronde vensters geplaatst. In de absis zijn tussen steunberen spitsboogvensters geplaatst. Aan de oostzijde van de absis is de van spitsboogvensters voorziene sacristie gebouwd die aansluit op de pastorie. Tussen de kerk en de pastorie een als tussenlid gebouwde sacristie. Interieur Het schip is door kruisribgewelven overkluisd, die door alternerend door zuilen en bundelpijlers worden ondersteund. Boven de scheibogen bevindt zich een triforiumzone. De oorspronkelijke vloer en bankenplan zijn bewaard gebleven. Hoofdaltaar van verschillende soorten marmer met bovenbouw uit 1907 vervaardigd door W. Mengelberg in eikenhout met beeldhouwwerk en gepolychromeerde beelden. Kruiswegstaties van Th. Molkeboer uit 1908/1916, uitgevoerd als tegeltableau's met afbeeldingen waarbij taferelen uit het nieuwe en oude testament gecombineerd worden. Sacristie met balkenplafond, ingebouwde kasten, kluis met driepasmotief, deuren met briefpanelen, koperen lavabo. Waardering De St. Bonifatiuskerk is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische waarde als voorbeeld van een kerkgebouw dat na herstel van de Bisschoppelijke Hiërarchie (1848) gebouwd is. Van architectuurhistorische waarde vanwege de voor de katholieke kerkbouw uit het eind van de 19de eeuw karakteristieke neogotische bouwstijl en als een in hoofdvorm, materiaalgebruik en detaillering, gaaf bewaard voorbeeld van een kerkgebouw uit het oeuvre van Nicolaas Molenaar. Van ensemblewaarde vanwege de functionele verbondenheid met de pastorie en de eenheid in bouwstijl van deze beide onderdelen. De kerk heeft stedenbouwkundige waarde vanwege de markante ligging in het centrum van Rijswijk en de grote beeldbepalende waarde van de kerktoren.

Binnen wordt het schip overdekt door kruisribgewelven. Het hoofdaltaar uit 1907 is afkomstig uit het atelier van Friedrich Wilhelm Mengelberg. De kruiswegstaties werden tussen 1908 en 1916 geschilderd door Molkenboer. Een groot deel van het oorspronkelijke interieur is tijdens de Tweede Beeldenstorm na het Tweede Vaticaans Concilie verdwenen. Glas-in-loodramen werden vervangen door simpele grijze ramen, de muurschilderingen werden met grijs overschilderd en de beelden, de preekstoel en de communiebanken werden uit de kerk verwijderd. In 2008 werden in de apsis weer glas-in-loodramen geplaatst en

Drie orgels
De kerk beschikt over drie orgels.

Hoofdorgel
Het hoofdorgel is gebouwd door Kam & Van der Meulen in 1841 als een twee klaviers orgel met een aangehangen pedaal. In de loop der jaren zijn er diverse aanpassingen geweest. Oa. in 1958 door Jos H. Vermeulen, het orgel kreeg een uitbreiding van rugwerk, zelfstandig pedaal en een elctro-pneumatisch tractuur. In 1998 voerde Jos Laus de laatste restauratie uit en oa. kreeg de kas de huidige kleur.

Koororgel Gradussen
Dit koororgel is gebouwd door firma Gradussen in 1880 voor de Sint Michaëlskerk in Dennenburg, men maakte gebruik van ouder materiaal. In 1951 is het orgel overgeplaatst en gewijzigd door firma Vermeulen, oa: werd het orgel voorzien van een vrij pedaal. Sinds 1983 staat het orgel in de Bonifatiuskerk te Rijswijk. Het orgel werd voorzien van een nieuwe orgelkas in neogotische stijl. In 1997/1998 breidde Jos Laus het orgel uit met een tweede klavier.

Koororgel van Vulpen
Het koororgel van gebr. van Vulpen is gebouwd in 1957 voor de Heilige Jeroenkerk aan de Rosseelsstraat in Den Haag. Sinds 2010 staat het orgel in de Bonifatiuskerk in Rijswijk.

H. Benedictus en Bernadettekerk

H. Benedictuskerk
In de jaren vijftig was Rijswijk een groeigemeente. Ook het Katholieke bevolkingsdeel groeide flink.Dit was de reden dat de bisschop van Rotterdam besloot de H. Bonifatiusparochie in Rijswijk op te splitsen. Kapelaan W.A. Nicolaas van de Haagse Gerardus Majella kerk kreeg van Mgr. A. C. Schaaper op 25 juni 1956 de opdracht een nieuwe parochie te stichten en de bijbehorende kerk te bouwen in de wijk Te Werve. De wijk stond zelf voor een groot deel in de steigers en bevatte grote stukken braakliggend land. Aannemer Bontenbal bood aan dat, in afwachting van de noodkerk, gekerkt kon worden in de keet die op werkdagen gebruikt werd als kantine. Deze stond in de Generaal Vetterstraat op de plaats waar nu de school staat. Hierin konden 140 personen kerken.
Op de eerste zondag van de Advent, 2 december 1956, werd de eerste dienst gehouden. Op 7 april 1957 werd de parochie officieel opgericht. Een week later vonden de eerste plechtigheden plaats in de nieuwe noodkerk. Deze stond op de plaats waar later het parkeerterrein werd aangelegd.
Pastoor Nicolaas was een groot bewonderaar van de Heilige Benedictus van Nursia. Hij was het die de bisschop voorstelde de nieuwe kerk aan de Heilige Benedictus te wijden.Het is dan ook niet vreemd dat hij bij architect en Benedictijner monnik Dom van der Laan om advies ging vragen. Architectenbureau Jan de Jong uit Schayk kreeg uiteindelijk de opdracht. De jongere broer van Dom van der Laan werd aangewezen als supervisor.

De grond werd op 31 januari 1958 voor het symbolische bedrag van 1 gulden ter beschikking gesteld door de gemeente Rijswijk. Zij hadden wel één voorwaarde: er moest een toren bij de kerk worden gebouwd. De laagste inschrijver bleek van bouwbedrijf Gebroeders Jansen uit Venray te zijn. Zij mochten de kerk bouwen voor 832.500 gulden. De eerste steen werd gelegd op 13 juli 1958 door de Deken van Poeldijk H. Dijsselbloem. Dertien maanden later werd op Maria Hemelvaart (15 augustus 1959) de kerk geconsacreerd door de eerste Bisschop van Rotterdam Mgr. M.A. Jansen. De Benedictuskerk is in mei 2003 aan de eredienst onttrokken en in de zomer van 2004 gesloopt.

H. Benedictus en Bernadettekerk
De huidige kerk aan de S.W. Churchillaan374 in Rijswijk is een samenvoeging van de toenmalige H. Benedictus en H. Bernadettekerk. Op zondag 11 april 2010 is de Benedictus en Bernadettekerk aan de Sir Winston Churchilllaan in Rijswijk heropend. Het nieuwe altaar is op deze dag aan God toegewijd door monseigneur A.H. van Luyn sdb, bisschop van Rotterdam.
Na een grondige vernieuwbouw heeft de kerk uit 1965 een totale metamorfose ondergaan. De kerkzaal telt ongeveer 300 zitplaatsen in vaste opstelling, eventueel uit te breiden tot 400. Naast de kerkzaal – afgescheiden door een zogenaamde narthexwand - zijn diverse ruimten: een kleine kerkzaal, een keuken met parochiezaal voor vergaderingen e.d. en een ruimte die Lupine Uitvaartverzorging beheert en als rouwzaal kan worden gebruikt voor het opbaren van een overledene. In de lage ombouw zijn diverse werkruimten ondergebracht zoals pastoreskamer, open huis, sacristie, opslagruimte, ruimte voor de verwarming en luchtbehandeling.
De kleine kapel is toegewijd aan de heilige Jeroen. Hier staat het altaar uit de in 2010 gesloten Jeroenkerk in Den Haag Spoorwijk. Hier vindt men ook de Mariakapel en een deel van het raam uit de voormalige doopkapel van de Bernadettekerk.

De nieuwe grote kerkzaal kent veel symboliek. Ten eerste de plaatsing van de stoelen in een halve cirkel: dit verwijst naar de kerk als Volk van God dat zich verzamelt rondom het altaar voor de viering van de heilige Eucharistie en de ambo (lessenaar) voor de lezingen uit de bijbel en de verkondiging van het geloof. Het altaar en de ambo staan gezamenlijk midden in het liturgisch centrum. Hiermee wordt het belang aangegeven van zowel de viering van de Eucharistie als van de bijbel als Woord van God.
In de narthexwand zitten veertig sleuven tussen de panelen. Dit is een verwijzing naar twee bijbelteksten: de tocht van veertig jaar van de Israëlieten door de woestijn, en naar de veertig dagen dat Jezus vastte.
In de wand zitten zeven ramen, verdeeld over een groep van drie en een groep van vier. Dit verwijst naar de zeven dagen van de schepping, de Drieëne God, en de vier evangelisten (Marcus, Mattheüs, Lucas en Johannes).
De knik in de zijkant van het altaar en de lessenaar, en in de stoel van de voorganger, verwijst naar de het zo kenmerkende dak van deze kerk (een V vorm). Het golvende plafond geeft een gevoel van ruimte naar omhoog, een verwijzing naar de hemel.
Het beeld van de heilige Benedictus links achter het altaar is afkomstig uit de in 2003 gesloten en gesloopte Benedictuskerk. Het staat op een stenen zuil met daarin de vier evangelisten. Het Mariabeeld rechts achter het altaar komt van de in 2010 gesloten Gerardus Majellakerk in Den Haag Laakkwartier en verwijst naar de verschijning van Maria waarvan Bernadette van Soubirous getuige was.

Meer informatie: www.bonifatiusparochie.info


Bonifatius kerk
Orgel Bonfiatius kerk